Keuken vakjargon : wat u wilt weten

Het kopen van een keuken is leuk werk. U ontdekt een hele nieuwe wereld. Maar u krijgt ook te maken met allerlei ‘nieuwe’ woorden. Hier een overzicht van de meest gebruikte.

Dikkant dit is de afwerking van de kopkant van een kast of deur. Dikkant materiaal is meestal een kunststof strip met een dikte van enkele millimeters
Foliedeur een deur gemaakt van mdf die is omtrokken met een kunststof folie Deze folie is dun en neemt de vorm van de deur aan.
Korpus met de korpus bedoelt een verkoper de romp van de kast.
Klepkast klepkast Bij een klepkast gaat de deur naar boven open in tegenstelling tot een normale kastdeur.
Korpushoogte de korpshoogte is de hoogte van een kast, gemeten van de onderkant bodem tot bovenkant.
Le mans kast le mans kasteen hoekkast met een deur waarachter een volledig uittrekbaar plateau is gemonteerd
Nismaat een nismaat is de hoogtemaat van de ruimte in een kast waar een inbouwapparaat in gemonteerd wordt. Nis 45 is dus een opening met een hoogte van 45cm.
Plint de plint is de afwerklijst onder de kasten. De plint sluit aan op de vloer en kan variëren in hoogte.
Plinthoogte de hoogtemaat van de plint, medebepalend voor de werkbladhoogte
Rastermaat fabrikanten met een romphoogte van 78cm gebruiken rastermaat 13cm, de kast is dus opgebouwd uit 6 x 13cm
Stelpoot dit is verstelbare element dat onder een kast is gemonteerd en achter de plint staat. Met de stelpoot kan een kast waterpas gesteld worden.
Werkbladhoogte
diverse hoogten
Diverse hoogten (Schuller keukens)

de hoogte van het werkblad, gemeten vanaf de grond tot de bovenzijde van het werkblad. De werkhoogte is afhankelijk van uw lengte. U telt de hoogte van de plint, de kast en de dikte van het werkblad bij elkaar op.